Omdat paarden belangrijk zijn!

“Als jong theatercollectief is het onze bedoeling om een soort stilstand bij de toeschouwer te veroorzaken. Dankzij het spel met tijd en beeld wordt de toeschouwer aangezet tot reflectie en stilstand. Een stilstand die, naar we hopen, gepaard kan gaan met een schokeffect, doordat vaste geloofsovertuigingen en een passieve kijkhouding uitgedaagd worden.”

“We hopen dat we door een trage, stille, beeldende en fysieke vorm van acteren en theater niet slechts vertellen aan het publiek, maar ook naar hen luisteren. We willen een ruimte creëren waar kan gekeken, geluisterd en ervaren worden zonder dat er een dwingende inhoud aanwezig is; zonder dat er afleiding is door een veelheid aan overbodige indrukken.”

“Als kinderen van onze tijd leven wij in een wereld gekenmerkt door anonimisering. Paradoxaal genoeg worden we net hierdoor overstelpt met een overvloed aan meningen, beelden, stemmen, ideeën, indrukken. En zo ervaren wij deze wereld ook: meeleven, inleven en beleven is bijna onmogelijk geworden door de veelheid en snelheid waarmee alles op ons afkomt. Grote instellingen zoals Staat en Kerk, die aan de burger benoeming en geruststelling gaven, zijn in diskrediet gevallen. Dit maakt dat de burger zijn gekende referentiepunten is verloren en zichzelf moet herpositioneren ten opzichte van het ongekende. Hierom zien wij de anonieme Ander als een belangrijk thema binnen onze zoektocht, net doordat deze, macrosociaal gezien, centraal staat binnen onze maatschappij. Hiernaast kan je ook theater an sich als de Ander zien. Waardoor theater een oefening kan zijn in het kijken naar en begrijpen van de Ander?”

“Hoewel onze beeldentaal steeds zwanger is van polen als seks en oorlog, geboorte en dood, eros en thanatos, proberen we steeds een antwoord te formuleren op de wereld die we scheppen, al aanwezig in de wereld die we scheppen. We proberen te zoeken naar waar liefde nog aanwezig is, of kan zijn in dergelijke wereld; en welke vorm ze hierbij kan aannemen. Is ze fundamenteel aanwezig in de mens, in het een middel, is het een strategie, is het een antwoord? We proberen telkens naar een voorstel te zoeken, naar het mooie als grond, uitgangspunt voor iets nieuws, als de voorstelling afgelopen zal zijn.”

“Door letterlijk zeer traag onze “gebeurtenis” te construeren, te laten stilstaan, proberen we tijd te winnen om over een aantal zaken na te denken, te kunnen ervaren.”


Paard : een musical

“In Paard : een musical werkten we met figuren die manieren zochten om met elkaar samen te leven. Strategieën zochten om het leven met zichzelf en met elkaar mogelijk te maken. We toonden personages die zich probeerden te verhouden tegenover liefde, geweld, geboorte en dood.”

“Het lijkt ons goed om van een abstracte gezinssituatie te vertrekken, omdat dit een soort oervorm is van de groep. Het is de kleinste bouwsteen van de maatschappij en kan ook de spiegel van de maatschappij zijn.”

“In deze voorstelling werd niet gesproken, de personages tekenden zichzelf in hun beelden, handelingen en bewegingen. Op die manier konden we gemakkelijker een universeel en abstract niveau krijgen, parallel met de anekdotiek van de personages. De anekdotiek bleef toch zeer sterk aanwezig. We kozen voor een incestverhaal dat we bewust nogal clichématig vorm gaven. Deze clichés werden kracht bij gezet in de soms nogal ironische zangstonden. Aan de hand van dit verhaaltje, dat in ons persoonlijk leven geen plaats kent, probeerden we het over een aantal universele zaken te hebben. Zo zou je kunnen zeggen dat we Het gezin van Paemel met Medea probeerden te combineren.”

Paard : een musical kwam er dankzij een samenwerking tussen Drama Gent KASK en De Kopergietery. De voorstelling speelde in Gent in De Kopergietery en Campo Nieuwpoort, en werd geselecteerd voor Theater aan zee Oostende, 2009.


Paard : een opera

Paard : een opera bouwt verder op onze eerdere voorstellingen. We wensen hierbij opnieuw te vertrekken vanuit een abstracte gezinssituatie, de kleinste bouwsteen van de maatschappij. In de opera willen we deze groep van individuen, hun codes, strategieën en instincten confronteren met die van de ander, de buitenstaander, de vreemdeling. Door de intreden van de ander in het gezin zullen hun regels, codes en strategieën niet meer bruikbaar blijken en herzien moeten worden. Dit fenomeen dat van alle tijden is, maar in onze geglobaliseerde maatschappij zeer actueel is, willen we onderzoeken. We willen op zoek gaan naar de structuren en wortels van dit gegeven door het uit zijn anekdotische context te trekken en het vorm te geven in een abstracte en universele taal. We beseffen dat dit een bijzonder moeilijke opdracht is. En willen dan ook zoeken naar een vorm die zo helder, éénvoudig en relevant mogelijk is, een vorm die ons doet nadenken en confronteert met de angst voor het vreemde en de ander, een angst waar ieder van ons dagelijks mee geconfronteerd word.”

“Tevens willen we verder zoeken en werken aan onze artistieke taal; verder werken aan onze persoonlijke vormgeving en ons tekensysteem. Zoeken naar wat een nuttige vorm is, een nuttige artistieke vertaling van een aantal sociaal-maatschappelijke aspecten. Zoeken naar een vorm om het over deze aspecten te hebben en na te denken.”

“We willen benadrukken dat het met onze voorstellingen niet de bedoeling is om het louter over theater an sich te hebben. Wel proberen we tekens te ontwikkelen waarin vele betekenislagen aanwezig zijn, hopelijk tot diep in de toeschouwer en ver buiten de theaterzaal.”

“De titel van de voorstelling, en zijn verwijzing naar vorige voorstellingen, duidt op het onderzoek en de accentverschuiving in ons parcours als jonge en evoluerende theatermakers. In Paard : een opera willen we de musical-anekdotiek volledig achter ons laten. Het is vooral de kracht en confrontatie met de grote irrationaliteit uit opera die ons interesseert. Wij zien in operapersonages, personages die geconfronteerd worden met de onmogelijkheid om zichzelf uit te drukken in woorden. Om hun gigantische liefde, angst, agressie, lust te kunnen verwoorden. Rationeel kunnen ze niet begrijpen wat er aan de grond van hun handelen ligt. Ze geven daarom het onzegbare vorm in de muziek. Muziek is voor een groot deel abstract en geeft dan ook vorm aan hun irrationele zijnswereld.”

“Tevens zien wij operapersonages als personages die zichzelf manifesteren, vorm geven in hun extreme daden. Ze komen tot zelfverwerkelijking in de handelingen en daden die ze stellen. We kunnen stellen dat actuele thema’s als terrorisme, geloof, fundamentalisme enz. niet ver af zijn. Taal schiet te kort om tot een rationele interpretatie van de wereld en zichzelf te komen en hierom manifesteren ze zichzelf in irrationele daden.”

“Eerdere voorstellingen (en regisseurs als Lars Von Trier) leerden ons dat het helpt om enkele gekende theatrale tekens in een voorstelling uit te zetten. Met deze tekens kan het publiek zich identificeren en een verwachtingspatroon opbouwen. Wanneer die verwachting niet wordt ingelost, wordt de toeschouwer teruggeworpen in zijn theaterstoel. Hij wordt gedwongen tot een meer irrationele vorm van kijken en begrijpen. Dit effect proberen wij te bereiken door de verstilling, vertraging en depsychologisering van de personages (de acteurs citeren hun tekens - en dus personages - eerder dan dat ze er volledig in opgaan en er mee samenvallen). Op deze manier proberen we eerder te luisteren naar de toeschouwer, dan dat we tegen hem spreken (inhoud geven). Deze ideeën, pril aanwezig in ons werk, willen we verder onderzoeken, onderbouwen en laten rijpen in deze voorstelling. Met dit onderzoek naar vorm hebben we tevens een mooi aanrakingspunt met de inhoud van onze voorstelling: De Ander. Omdat we de toeschouwer bij het kijken naar onze voorstelling willen confronteren met vormen en inhouden die niet altijd een herkenbare gestalte hebben, confronteren we hem met de voorstelling als Ander. Misschien kunnen we de vraag stellen, en het antwoord voorlopig schuldig blijven, of het kijken naar theater een oefening kan zijn in het kijken naar mensen?

Of het kijken naar theater een oefening kan zijn in het begrijpen van de ander, maar vooral in het niet begrijpen?”

Tibaldus en andere hoeren