NL | ENG

4:3

tibaldus in samenwerking met Theater Stap



Twijfel is al een klein stukje geloof.
— Daniil Charms

4 : 3 is een voorstelling over de Goden in de hemel, de duivel en de mensen op de aarde. Omdat de Goden belangrijk zijn. En omdat het bijzonder is dat het net de STAP-spelers zijn die de Goden spelen. Niet de Goden van vergelding, schuld en boete. Wel de Goden van het gebrabbel, de troost, de scheten, het dialect en de orthopedische schoenen. Wild, eclectisch en inconsequent. In 4 : 3 vertellen de Goden hun verhalen en waarheden. Ze presenteren hun rituelen en dansen. En ze zingen hun liederen.


Brief aan ons publiek

Beste publiek,

Voor wie het wil, voor de voorstelling of erna, stukjes van ons denken bij 4 : 3.
Omdat de Goden belangrijk zijn.
God is dood, zeggen ze. Maar toch lijken we in onze samenleving, meer dan ooit, samen te leven met heel veel Goden.

We willen geen Goden tonen van vergelding, schuld en boete. We spelen de Goden van het gebrabbel, de troost, de scheten, het dialect en de orthopedische schoenen. Hun verhalen zijn eclectisch en inconsequent. Er is maar vaag een samenhang te ontwaren. Hun wereldbeeld past in geen enkel keurslijf. Het is wild en anarchistisch. Waarheidclaim’s zijn afwezig, of in elk geval bijzonder doorzichtig. Dat het net de stap spelers zijn die in hun persoonlijke, ongebreidelde stijl de Goden vorm geven, is waarschijnlijk hét thema van 4 : 3. De stap spelers die in improvisaties al de Goddelijke thema’s of gemeenplaatsen in verband brengen met gehaktballen, hun favoriete sportploeg en het bedrijf van hun broer. Dit vreemd anachronistisch spektakel zorgt ervoor dat de Goden plots heel vreemde, menselijke wezens, mens-goden worden, die niet in klassieke anekdotiek, of clichématige scherts blijven hangen, doordat ze, net die clichés op zo’n onvoorstelbaar vervreemdende mannier vorm geven. Al brabbelend, met scheve blikken, in een semiconcentratie, maar toch ook lachend omdat iemand in net een scheet gelaten heeft. Onze voorstelling gaat over de Goden, maar dus ook over de mens die met zijn fantasie de Goden vorm geeft. Die mensen willen we niet verstoppen onder kostuums of schmink, strakke lichtplannen of overdadige decors. Geen spectaculaire of manipulatieve Goden die met pracht en praal en gedonder proberen te overtuigen. Omdat het over spelers gaat die de Goden spelen en omdat onze Goden een discours voeren zonder éénduidige waarheid, leek het ons goed om bepaalde elementen en scenes bruut en improvisatorisch te houden. Naast enkele geïmproviseerde scènes, geïmproviseerde (opgenomen) muziek, geïmproviseerd kostuums (de kleren die ze die dag aanhebben) is ook het licht “geïmproviseert”. De spelers belichten zichzelf en elkaar. Zij bepalen dus wat er te zien is en wat niet. Ze hebben de macht en de vrijheid om hun scènes te bricoleren, het zijn ten slotte de Goden (met vaak grote chaos tot gevolg). Daarbij is een theaterspot iets heel moois en het is zonde dat te verstoppen. Het toont ons ook wat het theater is: in de duisternis, zonder overbodige indrukken, laten we ons licht schijnen over een bijzonder deel van de werkelijkheid..

In 4 : 3 vertellen de Goden hun verhalen en waarheden.
Ze presenteren hun rituelen en dansen.
En ze zingen hun liederen.

Hans, Timeau en Simon

P.s.

Iemand vroeg: of het niet moeilijk was voor de toeschouwer om te begrijpen waarom een personage van punt A naar punt B wandelt?Wat gaat er om in je hoofd als je van punt A naar punt B wandelt? Wel, ik zou het, als mentaalnietandersvalidespeler ook niet weten. Als je van punt A naar punt B gaat en het ziet er mooi uit, dan is dat prima. Het is net deze ‘depsychologisering’, die tegen het waarom in druist, die meer zegt over de manier waarop. Het is de esthetiek waarmee iemand met zijn handen wriemelt, of hoe iemand vaak niets zegt en gewoon wat staat te kijken, het publiek de ruimte laat om terug te kijken, die het vaak bijzonder maakt.

En:
Het enige wat mij interesseert is ‘onzin’, alleen datgene wat geen enkele praktische zin heeft. Het leven interesseert mij alleen in haar ongerijmde verschijningsvorm.
— Daniil Charms

pers

4 : 3 is een ode aan het onvoorziene. Aan wat op scène ontstaat en alleen maar daar kan ontstaan. Aan de leegte ook die onvermijdelijk in die vormkeuze schuilt. De stilte van de actrice die haar tekst vergeten is, de hortende ademhaling van de jongen met het downsyndroom. Tevens is het een ode aan het individu. De mantel Gods maakt vooral de veelkleurige bende kleine pierkes eronder zichtbaar.
(…)
Tibaldus en andere hoeren en theater stap hebben me ingeleid in een andere manier van kijken, naar wie anders is en niet eenduidig in een vakje past. Het is een blik waarin ik me misschien onwennig voel, maar die mijn schrijven wel injecteert met een resem nieuwe en relevante vragen. En zijn het niet die vragen waar 'we' als jonge generatie mee aan de slag moeten gaan?

- Charlotte De Somviele in De Morgen


credits

van Timeau De Keyser, Simon De Winne, Hans Mortelmans

van en met Jason Van Laere, Seppe Fourneau, Guy Dirken, Timeau De Keyser, Ann Dockx, Marc Wagemans, Hans Mortelmans, Rik Van Raak, Luc Loots, Jan Goris, Simon De Winne en Nancy Schellekens

advies geluid Seppe Gebruers, Niels van Heertum and Ruben Desiere

muziek Ifa y Xango onder begeleiding van Seppe Gebruers

techniek Erick Clauwens

decor Tibaldus, Simon Van den Abeele and Johan Dhaenen

fotografie, film en grafisch ontwerp Pieter Dumoulin

productie Theater Stap

Met steun van de Vlaamse Overheid, Stad Turnhout, de provincie Antwerpen